Kenmerken van dit Coating System

Wat?

  • Corrosieklasse: C2 high durability (ISO 12944-2)

  • Interior gebruik.

  • De gecoate producten worden NIET blootgesteld aan UV-belasting.

  • De producten worden opgesteld in onverwarmde gebouwen waar condensatie kan optreden.

Conservering

  • 1 laags poedercoating: topcoat

  • De objecten zijn vervaardigd uit constructiestaal of plaatwerk

  • De stukken hebben geen kathodische bescherming d.m.v. zink.

  • Voorbehandeling:
    mechanisch (stralen SA 2 1/2)
    en/of chemisch (ijzerfosfatatie met of zonder passivatie of beter)

Kwaliteitsnorm

  • Verwachte levensduur voor eerste interventie: 15 jaar. (ISO 12944-2)

  • Bij een goede behandeling van de stukken volgens de regels van de kunst, behaalt dit systeem 240 uur in de zoutneveltest met max. 2 mm onderroest. (ISO 12944-6)

Typische toepassingen

Interieurtoepassingen in:

Winkelinrichting in warenhuizen

meubilair, toestellen in sportcentra

Coating

Met de porositeitsmeter kan de aarding van de werkstukken worden gecontroleerd voordat ze gelakt worden. Een goede aarding is onontbeerlijk voor een goed lakresultaat. Onvoldoende aarding zal zorgen voor onvoldoende laagdikte, spanningsvlekken en het moeilijk bereiken van bepaalde zones.

Selectief gemalen poedercoating verhogen het rendement van de terugwinning aanzienlijk. Deze poeders hebben een gereduceerd aandeel kleine deeltjes. Deze poeders kunnen met filterkabines ook 100% op de stukken aangebracht worden , dus zonder verlies.

Meer informatie

Belangrijke opmerkingen bij de systeemkeuze

Bij beschadiging van de coating zal er bij vochtbelasting een rode roest te zien zijn. Deze ijzeroxides beschermen het staal niet en zullen steeds verder roesten. Hoe snel de oxidatie gaat hangt af van de hechting tussen de coating en het staal, de type voorbehandeling, de corrosiviteitsklasse, de aggressiviteit van het milieu en hoe frequent het oppervlak gespoeld wordt door regen of door het schoon te maken. Is dit voor u storend, dan kiest u een systeem met een cathodische zinklaag (galvanisatie - metallisatie - sendzimir).

Om de corrosieweerstand op scherpe randen van bijvoorbeeld ponsingen, snijkanten en boorgaten te verbeteren raden we aan dit tweelagensysteem (primer + topcoat) toe te passen.

Poedercoatings worden standaard afgesteld om een goede dekkracht te hebben vanaf 60 µm. Voor een corrosiebescherming (> C2) is deze laagdikte ook nodig. Dunnschichtpoeders kunnen enkel voor C1 Interieur gebruikt worden.

Hou er rekening mee dat de tussentijdse stockage tussen het lakken en het plaatsen van de stukken in sommige gevallen aggressiever is dan waar het coatingsysteem voor bedoeld is. Dat kan leiden tot vroegtijdige corrosie of kleur- en glansverlies.

Voor mobiele objecten is het toewijzen van een corrosieklasse moeilijk of onmogelijk. Deze objecten vergen een specifiek advies. Typische voorbeelden zijn velgen, landbouwmachines, voertuigtechniek, automotive …

Deze adviezen zijn opgesteld voor deze respectievelijke corrosiviteitsklasse.

Ingangscontrole

Markeringen (bv. met alcoholstiften) moeten vóór de chemische of mechanische voorbehandeling verwijderd worden met een geschikt solvent. De inkt kan doorheen de coating bloeden zelfs al worden de stukken gestraald. Hetzelfde geldt voor stickers.

Mechanische voorbehandeling

Warm gewalst staal en laser gesneden staal (met zuurstof) hebben een gelijkaardige calamine laag die rijk is aan koolstof. Koolstof is heel inert en kan chemisch moeilijk verwijderd worden met de klassiek chemische voorbehandelingen. Deze lagen verwijdert men mechanisch door te schuren of te stralen minstens SA 2 1/2. Blijft deze laag zitten dan riskeert men een slechte hechting van de laklaag op het staal. Bij afbladeren van de coating zal men een zwarte laag zien zitten op de achterzijde van de schilfer. Dat wijst op achtergebleven calamine of koolstoflaag. Bij lasersnijden verhelpt het gebruik van stikstof i.p.v. zuurstof dit probleem.

Straal enkel op een vetvrij oppervlak om te beletten dat het straalmiddel vervuild wordt.

Chemische voorbehandeling

Ijzerfosfatatie als voorbehandeling wordt bij voorkeur enkel voor C1 gebruikt. Voor C2 is minstens een bijkomende passivatie noodzakelijk. Vanaf C3 gebruikt u beter een zinkfosfatatie of chroomvrij alternatief op basis van zirkonium of silanen.

Bij een chemische voorbehandeling dienen de stukken zo vervaardigd te zijn dat het water en de chemische producten gemakkelijk wegvloeien van de stukken. Bij dompelen is het dan ook belangrijk dat er zich geen luchtbellen kunnen vormen in holle ruimtes. Dit zal de kwaliteit van de voorbehandeling schaden.

Voorbehandelen van de stukken voorafgaand aan het lakken kan zowel chemisch als mechanisch gebeuren, of beide. Tijdens de voorbehandeling worden de objecten vetvrij gemaakt en worden alle verontreinigingen en oxides verwijderd.

Mechanisch is het vaak eenvoudiger om de oxides, walshuid of zinkpatines te verijderen.
Bij een chemische voorbehandeling wordt het ontvetten en beitsen gevolgd worden door een conversielaag. Deze verzekert de hechting van de coating en verhoogt de corrosieweerstand. Na de voorbehandeling moeten zo weinig mogelijk zouten achterblijven op het droge oppervlak.

Aanbevolen laagdikte

De laagdikte van de organische coating bedraagt nominaal 60 µm bij chemisch voorbehandelde stukken. Worden de stukken ook aangestraald, dan adviseren we een nominale laagdikte van minstens 80 µm om rekening te houden met de ruwheid van het oppervlak. De kleinste waarde van de laagdikte is niet minder dan 46 µm en maximale waarde niet meer dan 240 µm.

Kwaliteitscontrole

Hier beschrijven we hoe je de binnenkomende stukken, de omgevingsfactoren, het coatingproces en de afgewerkte objecten kunt controleren.

Over ons | Webshop | Make to order

Deze website maakt gebruik van bestanden (zoals cookies) en andere technologieën.
Door verder te surfen stemt u in met het gebruik hiervan.Meer informatie